|
Abraxas
God beyond God
To gain anything at all, we are forced to dig. When we dig, we work. We persevere. And finally…we find! And then, every hard-won nugget becomes our own, an integral part of our understanding, which we will never forget. G.I. Gurdjieff
Instincten, gevoelens en het verstand spelen een belangrijke rol in ons leven maar dienen in werkelijkheid een oorspronkelijk ‘niet weten’. Het is in ons doorzien van onze verlangens en rollen, van de ‘vanzelfsprekende’ en ‘noodzakelijke’ intensivering van ons dierlijke en menselijke functies, het ervaren van de onmacht ervan, dat wij dit ‘niet weten’ tegen komen. Het existentiële leven wordt daarmee erkent als een rollentheater waarin de werkelijke behoeften van de ziel vrij eenvoudig vergeten worden en misbruikt kunnen worden door een externe wereld waarvan vele denken daarin onafhankelijk te zijn.
De wereld van uitzinnigheid en ‘vanzelfsprekende manipulatie’ bemoeilijkt het gewoon zichzelf zijn. Wanneer we ons wat vaker losmaken van al onze vanzelfsprekende en ‘noodzakelijke verslavingen’ zoals tv, media en alle vormen van afleiding en gedrevenheid, kunnen we een heilzame afstand scheppen en zien waarin we verzeild zijn geraakt.
Blijkbaar moet er iets zijn dat ons drijft en opjaagt waardoor we niet gewoon ons zelf kunnen zijn. In onze helderheid zien we dat we te maken hebben met een kloof. Die ‘kloof’ is een collectief ‘donkere nacht’ met veel kunstlicht. In de kloof herkennen we onze meervoudig paradoxale aard van ons diermens zijn, dat voortdurend door denkspelletjes en beelden betoverd wordt. In de diepte ervan herkennen wij de bron, die grondeloos blijkt. Daarin herkennen we het oneindige verlangen zelf, dat zich doorgaans in verschillende verlangens bezig kan zien. Continu aangedreven worden door de pretenties en vermommingen van een bepaald soort sociaal maatschappelijke orde, zien wij dat deze er voornamelijk bij gebaat is om de mens hongerig onwetend te houden.

Het is het collectief onbewuste van Carl Jung, of het morfogenetische veld van Rupert Sheldrake, de bron van de archetypen en hun biolgische vermommingen, die in hun symbiotische verstrengeling vele lagen en niveaus kent, die ons continu in de wereldse maalstroom houden, ontzaglijk veel energie kost, en de essentie of de ziel, het eeuwige kind van de rekening laat zijn.
Het bewustzijn, fysisch bekend als de hersenstam, het limbisch systeem en de complexe neo-cortex, blijkt minder bekend te zijn met zichzelf als doorgaans wordt aangenomen. Deze drie hersendelen, ook bekend als het instinctieve, emotionele en mentale, of het archaïsche, magische en mythische, worden door de moderne maatschappij en door ons ‘aanbidden’ en ‘aanhangen’ ervan, overvloedig gebruikt en misbruikt.
Dit vanzelfsprekende 'aanbidden' en 'aanhangen' wordt gesymboliseerd door de mythologische vruchtbaarheidsgod Priapus, dat het 'collectieve superego' in de herhalingsdwang houdt. Als fallische God zien we dat het niet zozeer het vruchtbare zelf is dat vertegenwoordigd wordt maar het emotioneel vitaal, zich herhalende dat nooit met zichzelf in het reine komt. Het is het doen om het doen en kent oneindige rollenspelen, patronen die voornamelijk met overleven te maken hebben en niet zozeer met thuiskomen en ontspannen. Toch spelen er voortdurend ontwikkelingen die het tegendeel bewijzen en ons leven willen vereenvoudigen.
Waar onze levensenergie en functies voor een gangbaar en creatief leven willen werken, dat we normaal zouden kunnen noemen, zien wij dat onze talenten en kwaliteiten inhoudelijk uitgehold kunnen worden. De intensivering van onze functies houden ons in een ‘verbeelde werkelijkheid’, waarvan men zich steeds meer van gaat afvragen wat daar nu werkelijk vruchtbaar en realistisch aan is.
Zo is het cruciaal om het ‘archaïsche’, in de betekenis van het gebied der oorspronkelijke instincten, de archetypische beeldvorming en onze sensomotorische activiteit, te belichamen en te gronden, omdat wij daardoor direct kunnen beseffen wat wij nu werkelijk zijn. Het onderscheid kunnen maken tussen wat men de essentie en de persona noemt, kan het verschil maken tussen een ontspannen en creatief, dan wel overspannen en paranoïde leven. Daarom is het zaak ons te onderscheiden van de wereld der verbeelding om er de instincten en programma's van door te lichten. Het zich verbeelden wordt immers voortdurend geanimeerd en omsingeld door het instinctieve en de programmeringen. Hierdoor wordt het levende uitgedaagd het doodse te overstijgen, het niet werkelijk levende dat altijd op de loer ligt.
De strijd om te overleven, kan zich op vele overdreven 'fronten' bezig zien, vanuit de veronderstelling dat deze ons helpen om de 'eigen' en groepsgebonden psychologische en maatschappelijke problemen te vereenvoudigen of uit de wereld te helpen. Toch zien we dat deze 'fronten' een complexe dualiteit in stand houden, waarin zaken zoals geld en veiligheid onze gemoedsrust en verlangens manipuleren en nauwelijks te maken hebben met een waarachtig Leven. Waarachtig in de betekenis van een doorzien van de magische en mythische spelletjes van de macht en liefdesspelen, die een steeds langere schaduw vormen, een zuigend moeras van het noodlottige waarin gesteld wordt dat wij allen in het zelfde schuitje zitten.

Zo moet het leger tegenwoordig dubieuze taken uitvoeren, die politieke en bedrijfstechnologische agenda’s voeden en een zeer dubieuze betekenis van het helpen van mensen onderbouwt. En het woord ‘leger’ is een goede metafoor voor het massale en globale harde werken zelf, dat ten aanzien van de nageleefde productie en consumptie ervan, te weinig tot bezinning en werkelijke vereenvoudiging komt, laat staan tot een verbinding met de eenvoud zelf.
Het magische, het fascinerende, mogen wij misschien in films tegenkomen, in bepaalde momenten met elkaar of in de meditatieruimte, in technologische en wetenschappelijkheid, maar kent het magische directe besef van in Leven zijn niet een eigenheid die ons de gehele dag wil bezielen, onafhankelijk van kortstondige gevoelens, prikkels en methoden?
Zo ook is het met de mythische dimensie, de wereld van taal en symbolen, de collectieve regel en rolwereld, die ons waarachtig moet voeden, om ons leven en bestel niet alleen zin te geven, maar ook iets edels, iets heiligs. Veel mythen vormen vele fronten van een overmatig illusoire wereld, waarin wij ons met denkbeelden bezighouden, die nauwelijks iets te maken hebben met gezonde instincten en een helder oprechte en liefdevolle natuur.
Ik zeg overmatig, omdat het ‘reëel illusoire’ in eerste instantie gewoon is, daar wij allen in een existentiele droom leven, waarin voortdurend geprojecteerd wordt. Projectie en het projectmatige kun je als het mannelijke deel van ons leven ervaren, gesymboliseerd door de mythologische god Priapus. Bezield herkennen en thuiskomen in de ruimte zelf, is het subtiel vrouwelijke. Hierin herkennen we onze macht en liefdesspelen. De Oorsprong is beide. De Oorsprong ziet wat macht en liefde betekenen en hoe beide krachten misbruikt kunnen worden. Het zijn de twee polen voor een gezond zelfbehoud. Alleen de Oorsprong herkent dit want het is voorinstinctief.
Onze momenten van liefdevolle gevoelens en fascinatie voor zijn wel verbonden met onze anonieme diepte maar de veranderende ervaringsstructuur zelf, wordt gezien als de mogelijkheid van diepte zelf. Dit is de veelbelovende valkuil van magische en mythische verstrengelingen, de omwikkelingen van de matriarchale en patriarchale circuits van biologisch overleven en vegeteren en emotioneel territoriale gespierde taal.
Wanneer de Oorsprong vergeten wordt, vergeten we onszelf. We worden collectief gehorigen, een soort allround slaven van de wereld en denken daarin onszelf te worden. Instincten en gevoelens worden hierdoor een speelbal van een werktuiglijk functioneren. We gaan rollen spelen, programma's vertegenwoordigen die mechanisch zijn in de betekenis van uitwonend, aangepast, niet bij en vanuit een zelf dat altijd anders is dan gedacht en gedaan wordt.

Het ‘gewone’ wat in werkelijkheid het meest bijzondere is, kan worden uitgebuit of uitgehold door de intensivering van verlangens en het 'noodzakelijke algemene' of collectieve, waardoor de essentie of waarachtige individualiteit ondergraven kan worden. Deze intensivering volgt de praktijk van het zich afscheidende functioneren waarin 'men' geen wil en oorspronkelijk voelen en denken meer kent. Toch blijft men hardnekkig geloven dat dit het geval is.
Het is het voor God spelen, zonder zich de ruimte te herinneren, waar zich alles afspeelt. Hierdoor wordt ons leven niet als essentiële droom als zodanig ervaren, maar als een soort existentieel verlengstuk daarvan, dat om voortdurende vervulling vraagt. Hierdoor worden de droomstaat en de wakende staat niet autonoom gebruikt. 'Het heeft geen ballen en loopt wel de lul achterna', Priapus. Dit achterna lopen kent vele rollen, de wereld der archetypen. Deze archetypen moeten steeds weer opnieuw onderkend worden. Dit is alleen mogelijk door ons vooraleerst de ruimte te realiseren waarin wij ons bevinden, de Oorsprong.
Zonder het zich realiseren van de Oorsprong verdwijnen we in het archetypisch functioneren dat zich niet ontspannen thuis mag voelen en wil weten! Ons voor God spelen laat te weinig ruimte voor een heilige ruimte, het goddelijke soeverein zijn! Speelt hierdoor geen overdreven obsessie, frustratie en paranoia dat zichzelf stimuleert, om zich collectief overlevingsgezind, gezond te willen verklaren?
Als voorbeeld nemen we de paradoxale situatie waarin de verbeterde technologie, die ons juist meer tijd zou moeten geven om te ontspannen en werkelijk te leven, de intensivering van ons functioneren lijkt te veroorzaken. zodanig dat het functioneren een obsessief en in feite totalitair gebeuren wordt, waarin wij als bezetenen worden. desperado's. Ons functioneren en de mythen waarvoor wij leven, hebben duidelijk een anker nodig, een zich bevestigende ruimte, een aanwezig zijn van gewaarzijn om het vergankelijke te respecteren en anders te ervaren. Met andere woorden; ons leven heeft een soort ongekende soevereiniteit nodig, waarin de ziel zich onafhankelijk weet van machinaties en 'loyale aanhang'.
Dit wordt ons niet zomaar gegeven. Het is het werken aan wat ik wel het tweede geweten noem. Dit tweede geweten heeft o.a. te maken met alleen durven staan en het leren werken met paradoxen. Deze paradoxen doorwerken en overkomen, is het ontdekken van onze essentie. De essentie is thuis en heeft vervolgens te maken met het archaische, magische en mythische dat onze gehele werkelijkheid vrom geeft zoals wij doorgaans beleven. De essentie wordt verward met deze functies. Hierin spelen het instinct en het gemoedsleven hun rollen, bekend als het Beest en de Draak of het Id en het Superego van Freud. Hierdoor zijn we 'uitwonend'. De draak voedt zich met het beest door hem aan de vorm te binden en het beest 'vreet alles of niets'.
De Oorsprong ziet dit omdat het 'aanwezig gewaarzijn' is en weet dat verlangen gemanipuleerd kan worden. De Oorsprong is de essentie van zowel de mythologische draak als het beest, dat we ook uit de bijbel kennen. Beide vertegenwoordigen het instinctieve en het gemoedsleven. Beide vormen de inhoud van de Oorsprong die echter van zichzelf zowel oneindig vol als leeg is.
De ervaring van leegte kan aanleiding zijn tot het overdadig nastreven van het beest en de draak waar ons ego altijd bij betrokken raakt, terwijl de Oorsprong altijd thuis is. Wanneer wij ons in binnen de contouren van het 'vechten-vluchten' circuit bevinden dan wil de Oorsprong buiten beschouwing blijven. Dit vechten vluchten circuit representeert ons allround bezig zijn zonder ons voldaan thuis te weten en niets anders nodig te hebben.

Doorgaans beleven we een wereld die over beloften en noodzakelijke offers gaan, over een ‘iets’, dat ons zal bevredigen of ontspannen. Daarin spelen er de dogma’s van schuld, afhankelijkheid en schaarste, die als bouwstenen een moderne oorlog in stand houden dat gestimuleerd wordt door intelligente doch vaak misleidende informatie. Bovendien kent deze 'intelligentie' geen werkelijke liefde. nu hoeven we deze liefde niet continu te ervaren, dat is sowieso onmogelijk. wat van belang is om de dogma's van schuld, afhankelijkheid en schaarste te onderzoeken die ons in een wereld van tekort en van geen waarde zijn houden. deze drakerige dogma's houden ons in een geavanceerd soort slavernij die meestentijds ontkend wordt door een allround soort van identificatie. dat betekent dat er vele soorten van ego's zijn die vanuit vercshillendne invalshoeken doen en denken, de wereld van het vechten vluchten circuit najagen. We doen er allen aan mee.
Wanneer we beginnen te ontwaken uit onze archetypische begoochelingen, die reëel genoeg zijn, dan kunnen bepaalde kanalen zich openen die ons laten zien dat machtige, zich afzonderende conglomeraten en instituten zich met de massa willen voeden. Het zijn de drakerige instanties die het dierlijke manipuleren en cultiveren en in bepaalde mallen wil gieten, vormen die levensenergie opslokken. Herkennen wij hierin niet het collectieve maakbaarheidsideaal waarin beloften speelden van meervoudige verlichting?
Speelt hierin niet de wereldse val waar de ziel door het instinctieve gemoedsleven gebruikt wordt en wij als een dolend beest achter onze staart aanrennen?
We zien dat we aangejaagd worden door een collectief ‘fallische’ bedrijvigheid, waarin men zich met een benadrukt functioneren identificeert, dat ondertussen een zeer lange schaduw getrokken heeft. Het is een schaduw die van de bron zelf is en er op 'eigenaardige' wijzen onbekend mee wil blijven. We doen hier alsof we vrij zijn al ervaren we niet werkelijk ons vrij zijn. We hebben te maken met het ‘intermediair’ zijn dat tegenwoordig een steeds grotere afstand schept tussen wat wij Al Zijn en wat wij daarin worden. Voor een bepaald deel bevestigd dit 'worden' de noodzaak om onze overleving te garanderen en het veelzijdig te beleven, te genieten en te onderzoeken.
Toch herkennen we een mogelijk listige praktijk, want om ons zelf werkelijk te kunnen 'worden', moeten we ons diep kunnen ontspannen en thuis kunnen voelen voorbij alle gangbare identiteiten. De nadruk op overleven, en daarnaast de overvloed aan entertainment kan ervoor zorgen dat we ons niet werkelijk kunnen verbinden met de Oorsprong. Daarom is er sprake van een enorme moeheid van het instinctieve dat maar allround ontkend wil blijven worden.

De centralisering van levensmythen gaat altijd gepaard met een middelpuntvliedende kracht. Naarmate een middelpuntvliedende kracht zich negatief gaat versnellen, moeten de meesten van ons steeds harder werken en kent de 'cultiverende' kracht zelf, een relatief klein aantal mensen en instituten, die 'de boel draaiende houden', maar zelf weinig vruchtbaars te bieden hebben. In feite teren zij op de levensenergie en creativiteit van de oernatuur zelf. Het zijn drakerige instituten die 'de boel' op afstand houden. Dit zorgt ervoor dat de middelste en onderste regionen niet alleen uitgebuit worden, maar tevens elkander willen gaan bevechten. Dit is vanoudsher bekend als zwarte magie, maar wordt doorgaans sociaaleconomische destabilisatie genoemd. Dit brengt veel geld in het laatje voor het elitaire.
Vele mensen herkenden door de eeuwen heen de zuivere waarden en ongezondere kenmerken van religie, het sociaal-maatschappelijke werkethos daarbij inbegrepen. Zij herkenden deze als groepsmentaliteiten die door bepaalde vormen van magnetisme en indoctrinatie, beziggehouden worden. De slangachtige constructies ervan zijn tegenwoordig zeer geavanceerd. Alles is dubbelzinnig, hypocriet ofwel paradoxaal.
Het verbinden van spiritualiteit en existentiële praktijk is het zowel willen begrijpen als kunnen laten gaan van deze vormen van heilloze vormen van magnetisme en macht op afstand. dit zorgt ervoor dat wij zowel functies als inhouden leren kennen en het aanwezig zijn van gewaarzijn zelf.....
Daarvoor is het voor iedereen noodzakelijk, om vaker uit de middelpuntvliedende kracht te kunnen stappen, om daarmee de maatschappelijke praktijk en de eigen positie daarin, anders te kunnen bekijken of zelfs te kunnen verlaten wanneer het de eigen vorm van integriteit aantast. Dat dit niet eenvoudig is zegt genoeg over de wereld die op grond van intermediaire constructies de integriteit bemoeilijkt.
Ons anders leren kijken, wat veel energie kost, moet het ons mogelijk maken een soevereine innerlijke kracht te ontdekken die ons met Leven zelf verbindt. Daarin realiseren we ons dat oorspronkelijk zijn ruimtescheppend is in plaats van ruimtebevuilend en exploiterend. Dit ruimte scheppende is immaterieel van aard en heeft weinig meer nodig. Hierin herkennen we wat ons werkelijk aard en verbindt. Dit ontspant en scherpt paradoxaal genoeg de belangrijke instincten.

Onze functies zijn als onszelf. We weten dat macht en verlangen ons kunnen dwingen tot een heimelijke en sluwe afstand, die tegelijkertijd een mensonterende bemoeienis en sluwe lafhartigheid mogelijk maakt. Dit kan tevens als tactiek gebruikt worden om mensen te verwarren en te verstrooien. Het is het stimuleren van wantrouwen en achterdocht, dat geen vredige ziel koestert.
Macht en verlangen werken met ons innerlijke en uiterlijke leven op zeer diepe niveaus. Hierin herkennen we dan ook het meervoudige uithollen van ons functioneren, om er alles eruit te halen wat erin zit. We graven zo diep, dat we zelfs de elementaire bouwstenen van het leven ontdekt hebben.
Toch is ware diepte zelf niet bereikbaar voor het innerlijke en uiterlijke leven. De diepte zelf treffen we aan als we rustig en gewoon onszelf zijn.
Het gaat volgens mij om een voortdurend herontdekken van een diep serene ruimte, waarin wij onszelf als wezenlijk waardevol ervaren. Hierdoor is het pas mogelijk om abstraherende beeldenverering te relativeren en los te laten. Dit wordt bemoeilijkt door doorwrochten magische denkspelletjes en overbodige mythevorming, die ons niet alleen dwingen tot overdaad en na-ijver, maar ons ook uitdagen tot fundamenteel onderzoek. Daaraan voorbij zijn we wie we zijn, verbonden met het leven.
Steeds meer mensen realiseren zich, dat het op een geheel andere wijze benaderen van de distantie, pas een heilzame sociale betrekking mogelijk maakt. Alleen in de herkenning dat ons functioneren de eenvoud wil dienen, kunnen we een collectieve soevereiniteit herkennen dat een zin kent waarin het doel gelegen is, onafhankelijk van externe omgevingen. Daarom is het van belang ons de Oorsprong te herinneren als een onherleidbaar punt in een oneindige ruimte.
Het herkennen ervan bevestigd onze missie, die in werkelijkheid een trancemissie is.
Mythological Pan
soevereign creator of the lifeforce
& natural metaprogrammer
|
|